begin over de auteur boeken vertalingen luisteren werkplaats tientjeslid links contact                 

Jagen, leven en lot

Blad: Skipr
Datum: 2015-01-15
Beeld: Tijs van den Boomen

Ik zou morsdood geweest zijn, vanbinnen weggevreten door bacteriën, op mijn eenendertigste – als de moderne geneeskunst er niet was geweest. Nog jonger had ik al bruine stompjes in mijn mond bloot gelachen, gekreupeld, was een pink kwijtgeraakt, of ik was al aan een kinderziekte bezweken. Maar ik ben 58 en leef, recht van lijf en leden. Geen kwaad woord dus over de gezondheidszorg.

Ik vel bomen, hak hout voor de kachel, loop bij weer en wind door de velden om te gaan jagen, zit uren in een hoogzit buiten bij -9 °C. Er komen wel eens zieke dieren voorbij. Ziek wild mag ik uit zijn lijden verlossen. Dat hoort bij de geschreven en ongeschreven regels van weidelijk jagen, ik ben het aan het wild verplicht. Soms zie ik een dier dat nauwelijks nog met het roedel mee kan komen, dat hinkend de winter niet zal overleven, dat kaal is van de schurft, of dat vermagerd en met een besmeurd achterstel wordt geveld door parasieten, of snuift en briest en hoest terwijl de horzellarven uit zijn neusgaten kringelen. Soms laat ik het lopen. Heeft het dan geluk of pech?
in een hoogzit, alleen in het onmetelijke Oost-Duitse landschap, heb ik veel tijd te mijmeren over leven en dood, over ziekte en vergankelijkheid. Alleen, zo overweeg ik, als je het wild zou domesticeren, zou het te behandelen zijn. Maar dan is het geen wild meer, dan doe je zijn aard geweld aan. Het zou zich nooit vrijwillig aan een geneeskundige behandeling onderwerpen. Wij wel, wij doen niet anders.

Het wild houdt me een spiegel voor: leven of dood is vooral een kwestie van geluk of pech. Het kan nog steeds iedereen overkomen: een half leven lang chronisch lijden, of zomaar ter plekke dood neervallen. Ook al proberen we ons met een miljarden verslindende gezondheidszorg tegen het onheil te weren, lopen we met apps rond die onze lichamelijke toestand steeds fijnmaziger registreren, stellen we onze maaltijd samen als was het een dieet tegen ziekten en kwalen: veilig zijn we niet. Bij elk pijntje surfen we het net af op zoek naar een diagnose. Eenmaal in de spreekkamer weten we al wat er ons scheelt, welke onderzoeken en medicijnen we nodig hebben en hoe groot de kans op genezing is. Als de arts met zijn klinische ervaring er anders over denkt, gaan we shoppen bij andere helers. Alles moet wijken voor onze gezondheid, ziek zijn is onrechtvaardig, doodgaan sowieso. We zitten er bovenop. Elk nieuw apparaat, elk nieuw medicijn doordringt ons meer van alle gevaren en wakkert onze angst aan. Zo staan we er voor: nog nooit zo gezond, een leven lang ziek.

Ik kijk naar het voorbijtrekkende wild en oefen me in het aanvaarden van pech. Ook onheil door schuld of menselijk falen is, in het geval van onomkeerbaarheid, pech. Noem dat geen fatalisme. Ik zit niet bij de pakken neer. Integendeel. Wat er ook gebeurt, het is aan mij hoe ik ermee leef. Dat kan ik op niemand afschuiven. En het lot, dat heeft nu eenmaal het laatste woord.

 

Skipr helpt beslissers in de zorg om hun koers te bepalen. Zie ook: over Skipr

Gastschrijver Pauline de Bok schreef veel over de gezondheidszorg. Voor haar boek Doodsberichten werkte ze in de terminale thuiszorg. Afgelopen herfst verscheen haar roman De jaagster

 
 

U zocht op:


onderwerp: jacht
 Er zijn 20 treffers

jacht

6. Jagen, leven en lot
Had ik in de tijd van mijn grootouders geleefd, dan was ik al bezweken. Dat besef ik eens te meer sinds ik jaag. Veilig zijn we niet, het is vooral een kwestie van geluk of pech - van je lot. Gastcolumn  

Skipr

 

jacht

7. Inwijding in de jacht - recensie
`Een reeks inwijdingen´, zo noemt NRC-journalist Kester Freriks De jaagster in zijn recensie in het tijdschrift De Jager. De hoofdpersoon `zoekt een bestaansvorm waarin leven én dood elkaar vinden. Die levenswijze vindt ze in de jacht.´  

De Jager

 

jacht

8. Ik verlang naar de jacht
Interview op 1 november 2014 in de rubriek `Lunchen met...´ in NRC Handelsblad, na het verschijnen van mijn roman De jaagster. `Ik vond dat ik zelf moest kunnen jagen om er goed over te kunnen schrijven.´  

NRC Handelsblad

 

jacht

9. Over De jaagster
Interviews, optredens, recensies en meer over de roman De Jaagster die herfst 2014 verscheen. Over een oude Duitse jaagster en een jonge Nederlandse tegen de achtergrond van WO II, Koude Oorlog en Stasi, met als motto: `Jager zijn wij en ook prooi.  

Uitgeverij Atlas Contact

 

jacht

10. Jagen mit trockenen Augen
April 2013 publizierte die Zeitung de Volkskrant meinen ersten öffentlichen Auftritt als Jäger. Und auch heute gilt für mich noch: »Wir jagen nicht, um über die Natur zu herrschen, sondern weil wir Natur sind.«  

de Volkskrant

 

vorige pagina

volgende pagina

U krijgt ook:  

begraafplaatsen

Het eerste graf
De graven zijn kleurrijk en gevarieerd: een teddybeer, een tulp, vier azen met als opschrift: `Buiten haar familie om was bridgen haar lust en haar leven´. Een bronzen Christus hangt aan het kruis onder een afdakje, tegen de voet staat een vakantiekiekje   

de Volkskrant

 

Oost-Europa

In Estland zingt de taal
Eigenlijk is het een wonder dat Estland bestaat. Een land met 1,4 miljoen inwoners, een taal die nauwelijks familie heeft en die slechts door één miljoen mensen wordt gesproken. Maar wel een taal die zingt en de blik naar het noorden drijft.   

de Volkskrant

 

divers

Louis Zwiers (1)
Tango in het ouwemannenhuis
Waarin zijn vingers in het wildeweg de oude deuntjes op zijn accordeon proberen te vinden en hij monter zegt: `Ik sta de hele dag tot je beschikking.´   

ongepubliceerd