begin over de auteur boeken vertalingen luisteren werkplaats tientjeslid links contact                 

Over het vertalen van Herrndorfs weblog

Blad: Literair Nederland
Datum: 2015-02-17
Tekst: Pauline de Bok

Wat is een boek vertalen? Neem Arbeit und Struktur van Wolfgang Herrndorf. Dat is je vol verve maandenlang op 444 bladzijdes vol vertaalproblemen storten, met de vasthoudendheid van een terriër. Totdat Leven met het pistool op tafel. Een Berlijns dagboek er ligt. Waarmee ik meteen het eerste vertaalprobleem bij de hoorns heb: de boektitel simpelweg vertalen levert lang niet altijd een goede titel op voor een Nederlands lezerspubliek. Arbeid en structuur, of Werk en structuur, nee, dat zou niks worden met de verkoop. Uiteindelijk is het overigens de uitgever die de knoop doorhakt, hij moet het boek verkopen.
Goed, 444 bladzijdes vertaalproblemen dus. Waarvan de grootste nooit écht op te lossen zijn. Maar je moet iets doen, dus je maakt een keuze, of je slaat er ten einde raad een slag naar. En je troost je met de gedachte dat elke vertaling voorlopig is. Maar hoe waar dat ook is, je draait je er ook een rad mee voor ogen, uiteindelijk wordt er namelijk één versie gedrukt. Dat is de definitieve. Nog wel, tenminste. Bij een digitale versie is daar de facto al veel minder sprake van.
Vaak kan de schrijver je ook niet verder helpen, hij begrijpt je probleem niet, omdat hij niet weet wat vertalen is. Heus, dat komt voor, en vaker dan menigeen denkt. Of hij kan je niet verder helpen omdat hij dood is. Zoals Wolfgang Herrndorf.

Toen ik Herrndorfs eerste kassucces Tsjik vertaalde leefde hij nog, al had hij al een hersenoperatie, chemokuur en opname in de psychiatrie achter de rug. En ook zijn sterfdatum – statistisch gezien – al in zijn agenda gezet. Hij hield zich overeind met werken en met structuur in zijn leven. En met een pistool, zodat hij er altijd zelf een eind aan kon maken.
Omdat ik hem niet lastig wilde vallen met mijn lijstje vragen, stuurde ik het naar zijn redacteur, en gaf ook nog twee foutjes in de Duitse tekst door. Herrndorf antwoordde zelf: ‘Cristiano Ronaldo, verdammt. Hätte ich allerdings bemerken müssen.’ Hij had de voornaam van zijn voetbalheld met een h geschreven. Later heb ik gekeken of hij die dag, 13 mei 2011, iets op zijn blog had geschreven. Niets, ik voel een lichte teleurstelling. Alsof we bijna een moment hadden gedeeld. Zijn tweede mail, die hij schreef toen hij hoorde dat Tsjik op de shortlist voor de Europese Literatuurprijs stond, kreeg ik op 1 februari 2012 kort na elven ’s avonds. Die dag had hij wel iets in zijn blog geschreven, ’s middags om 16:05 uur. We zijn dan al op bladzijde 300 van de brontekst.
’s Ochtends had hij in het ziekenhuis per ongeluk de fax in handen gekregen – van de ene specialist aan de andere – met de uitslag van zijn laatste MRI. Die schrijft hij letterlijk over in zijn blog. De oncologische, radiologische termen gaan nog, die zijn met wat internetspeurwerk vaak nog wel te vinden, al blijft het erin geslopen Engels natuurlijk verraderlijk. Maar wat te doen met ‘verplumpte Hirnoberfläche’, ‘log geworden hersenoppervlak’? Al te letterlijk, klinkt niet, maar vooral: hoe zeggen Nederlandse specialisten dat in vredesnaam? Ik mail het Integraal Kankercentrum Nederland of ze de medische passages van de vertaling op fouten en eigenaardigheden willen doorlezen. Ik heb geluk: ze hebben een onderzoeker, Vincent Ho, die goed is in Duits en in hersentumoren, en die het leuk vindt om te doen. Zo’n hersenoppervlak noemen ze trouwens ‘gezwollen’.

Zo wemelt het in het weblog van verschillende jargons en stijlen. Schrijft Herrndorf over Thomas Mann, dan neigt hij naar Mann-zinnen. Schrijft hij over voetbal, dan klinkt hij als een voetbalcommentator, en over zijn ziekte schrijft hij alsof hij oncoloog, radioloog of radiotherapeut is. Hij noemt allerlei onbekende namen zonder uitleg, schrijft in telegramstijl, leeft zijn voorliefde voor lijstjes uit, veegt de vloer aan met schrijvers of bewondert ze gul. Wenst de Duitse BN’ers – BD’ers, dus eigenlijk, maar zo heet dat daar niet – naar de hel en vaart uit tegen hypnotiseurs, kokovoristen, darmreinigers en andere zelfbenoemde hersenkankergenezers. En draagt zijn lot met opgeheven hoofd.
En als hij krankzinnig is, schrijft hij krankzinnig.
Dat kost me veel hoofdbrekens: beweeg ik me met mijn vertaalkeuzes wel in het spoor van zijn waanzin of begrijp ik hem gewoon verkeerd? Wie zal het zeggen. Tegelijkertijd hóúd ik van die passages. De mooiste om te vertalen zijn die van zijn desoriëntatie, in zijn stad, in zijn taal, in zijn denken, in zijn stemmingen. Zo aangrijpend zijn ze dat ik er liefst elke dag naar terug zou keren, om er nog een beetje aan te schaven, nog preciezer, nog onontkoombaarder, nog dichter bij wat ik denk dat hij wil beschrijven. Terug naar de avonden waarop Herrndorf, ‘de Grote Navigator’, de ‘briljante strateeg’, verdwaalt in zijn eigen buurt. En meteen de draak met zichzelf steekt, als was hij de held in een tweederangs krimi. Of naar de gelukzalige dag dat hij de wereldformule heeft gevonden en er zijn vrienden kond van gaat doen…

Ik verdwaal in die passages, maar ik moet voort, de ‘Quantenradierer’ wacht op een fatsoenlijke vertaling – ik ben weer op woordniveau aangeland. Het Nederlands heeft er geen eigen term voor. Uitwijken naar het Engels dan maar? Dat doet Herrndorf ook niet. Maar Quantenradierer heeft op het moment dat ik dit schrijf tenminste 2.510 hits op Google. Mijn Nederlandse kandidaat ‘quantumwisser’ heeft er maar één: in 1999, in NRC Handelsblad. En dan geeft de Dikke Van Dale als spelling ook nog eens ‘kwantum’. Dan maar liever Engels? Of toch iets dat bijna een neologisme is? Ach wat! Het wordt ‘kwantumwisser’. Soms wil je even een bokkensprong maken in zo’n woud van een tekst. Herrndorf zou het me zeker niet euvel hebben geduid. Sterker nog, ik denk dat hij er zich om had verkneukeld. Soms moet je de moed hebben om op je bek te gaan. Maar voor ik zover ben, heb ik me ingegraven in de kwantummechanica. Ik kan het natuurkundelokaal van meer dan veertig jaar geleden haast weer ruiken.

De grootste vraag gedurende al die maanden bleef: maak ik er iets meer een boek van of blijf ik zo dicht mogelijk bij het genre weblog? Laat ik fouten, onduidelijkheden, niet bedoelde woordherhalingen, razendsnel op het scherm gesmeten zinnen, moeizame constructies – ook in het Duits – voor wat ze zijn? Of polijst ik ze een beetje? Dat gebeurt vaak bij vertalingen, een beetje polijsten, om de schrijver te ontzien, maar vooral om jezelf als vertaler te ontzien – als je iets lelijks met iets lelijks vertaalt, krijg jíj het namelijk op je brood, want welke lezer haalt er nou de brontekst bij? De twee redacteuren van het boek Arbeit und Struktur schrijven in hun nawoord dat Herrndorf hun had verzocht de tekst na zijn dood kritisch door te lezen en te redigeren, en ze stellen vast (in de derde persoon): ‘Veel te doen hadden ze daarbij niet.’ Wat voor mij als vertaler de keuze duidelijk maakt: het boek moest het karakter van een weblog behouden. Die opdracht heb ik mijzelf als vertaler met liefde en plezier gegeven.

 
 

Oost-Europa

Minsk: wonderlijk over the top
Geen billboards, geen hippe winkelpuien, zelfs de tand des tijds lijkt geen vat te hebben op Minsk. In de laatste dictatuur van Europa lijkt geen vuiltje aan de lucht. Nergens zijn de vrouwen zo kortgerokt en de wodka vloeit rijkelijk.   

de Volkskrant

 

divers

Meisjes van 13
Het is 1969. Ik ben 13 en zit in mijn dagboek te schrijven. Op de radio zingt Paul van Vliet: 'Meisjes van dertien/niet zo gelukkig/meisjes van dertien/d'r net tussenin...' Hoe verging het de naoorlogse meisjes van 13. Acht gesprekken en dagboeken.   

Maandblad O

 

Oost-Europa

Van Brody naar Berestetsjko
Herinnert ze zich nog iets van de Pools-Russische veldtocht, van de mannen van Boedjonny? 'Wie? wie?' kraakt haar stem gretig. Ze houdt haar hand als een schelp tegen haar oor. Andrej schreeuwt de vraag in het Oekraïens, de dochter herhaalt het nog eens.   

Steden zonder geheugen

 

Duitsland

Die DDR war keine Operetten-Diktatur
Filme über die DDR-Vergangenheit haben viele Deutsche beschäftigt. War es so wie im Film, oder eher nicht? Wie viel Nostalgie gestattet man sich und wie viel Geschichtsklitterung? Über Stasi-Filme und auflodernde Debatten.   

Universiteit van Amsterdam

 

Duitsland

Blankow in het kort
`Ieder leeft met zijn eigen Blankow, dat maar ten dele dat van de anderen overlapt. Het mijne bestaat uit de verzamelde herinneringen van anderen, mijn eigen leven hier en dat van de hond. Ook de hond heeft zijn eigen Blankow.´   

Blankow

 

jacht

Jagen is toewijding
`Het is alsof we verleerd zijn dat we zelf onderdeel van de natuur zijn.´ Journalist Kester Freriks interviewt Pauline de Bok voor De Jager, het tijdschrift van de Koninklijke Jagersvereniging.   

De Jager

 

samenleving

Tiere sind wir, schlaue Tiere
Eineinhalb Jahre habe ich in diesem Jagdgebiet gelebt, allein mit der Landschaft, dem Wetter und den Wildtieren. Wie oft stand ich im Morgengrauen am Fenster, um mich dann abrupt vor den Bildschirm zu setzen, die niederländischen Zeitungen anzuklicken un   

Neue Zürcher Zeitung

 

jacht

Inwijding in de jacht - recensie
`Een reeks inwijdingen´, zo noemt NRC-journalist Kester Freriks De jaagster in zijn recensie in het tijdschrift De Jager. De hoofdpersoon `zoekt een bestaansvorm waarin leven én dood elkaar vinden. Die levenswijze vindt ze in de jacht.´   

De Jager

 

begraafplaatsen

Syrisch-orthodoxe begraafplaats
Ik lees al die exotische geboorteplaatsen: Midyat, Kefre, Al Hasakah, Beiroet, Mizizah Köyu. Gestorven zijn ze in Oldenzaal, Berlijn, Britsum, Antwerpen, Rijssen, Malmö, Hoofddorp, Keulen, Emmen. En nu liggen ze hier in Twentse aarde.   

de Volkskrant

 

parken

`De architect hoeft hier niet te wonen´
`Anti-parken´, noemen critici de nieuwe Haagse stadsparken uit het beleidsplan Licht op groen. Busladingen architecten komen er kijken. De Turkse moeders willen meer speelruimte voor de kleintjes en minder Bulgaarse illegalen.   

de Volkskrant