begin over de auteur boeken vertalingen luisteren werkplaats tientjeslid links contact                 

I love bureaucratie

Blad: de Volkskrant
Datum: 2006-04-13

In het debat over bureaucratie, professionals en kwaliteit gedragen wij ons verwend; kiezen doen we niet, concludeert Pauline de Bok.

Weg met de bureaucratie. Wie heeft er geen last van, van de protocollen, de regels, de stroom aan formulieren. De registratieneurose in de gezondheidszorg gaat ten koste van de patiëntenzorg; dat het onderwijs achteruitholt is geen wonder, nu leerkrachten bijna bezwijken onder de dagelijkse verslaglegging; het is onverteerbaar dat politieagenten steeds meer tijd verdoen aan het digitaal invoeren van wat ze steeds minder op straat hebben gedaan. En dat is de schuld van de managers. `Zij snijden´, zo betoogt Evelien Tonkens afgelopen woensdagochtend in haar column in deze krant, `de ziel uit zorg en onderwijs. Ze maken verantwoording en rapportage belangrijker dan het werk.´ En dat - ik vat het even samen - gaat natuurlijk niet aan. Klinkt redelijk, klinkt ook zeer bekend, wie zou daar niet wat tegen willen doen? De bezielde professionals, dat zijn wij, en de managers dat zijn de anderen. Tonkens somt een hele rits toonaangevende Nederlanders op die haar in haar betoog zijn voorgegaan. Wat ze niet vermeldt: zelfs de regering ageert tegen de woekering van regels. Dus weg met de papierwinkel of - in een moderner jasje - de digitale feitenkraam. Daarover zijn we het allemaal eens, dus dat moet nu eindelijk eens lukken. Zou het?

Diezelfde woensdag meldt NRC Handelsblad dat de Inspectie voor de Gezondheidszorg die dag Het resultaat telt 2004 heeft uitgebracht, een rapport over de prestaties van ziekenhuizen. Daaruit blijkt onder veel meer dat in het ene ziekenhuis vier procent van de patiënten met een herseninfarct binnen een half jaar sterft en in het andere maar liefst drieëndertig procent. Die verschillen zijn ongehoord. Je moeder zal maar in een plaats met het slechtste ziekenhuis wonen terechtkomen en haar herseninfarct niet overleven. Of, nog erger, je partner, of je beste vriendin in de bloei van haar leven. Dat vergeef je jezelf nooit. Mooi dus dat de Inspectie daar werk van maakt. Op deze bureaucratische manier is deze misstand aan het licht gekomen en in de komende jaren zullen er nog veel meer volgen.
Maar dan? Wat betekenen die percentages? In leven blijven, daar ging het toch niet alleen om? Nog vele beroerde jaren voor de boeg hebben, in een verstarde staat je dagen slijten in een verpleeghuis, dat is wat er misschien met de patiënten gebeurt van het beste ziekenhuis. Hoera, ze leeft nog? De prestatie-indicatoren van de Inspectie zijn nog veel te grof. Het ging toch ook om de kwaliteit van het bestaan, het gaat er ons toch om of een leven nog wel menswaardig is? Daarover gaat het Inspectierapport niet, daarover kan het ook weinig zeggen.
En hier raken onze wensen met elkaar in strijd. We willen het beste, we hebben er recht op te weten waar we dat kunnen krijgen, we willen helderheid, doorzichtigheid, kwaliteitscontrole, maar daarvoor is eindeloos fijnmazige registratie nodig, en dus heel veel bureaucratie. Het proces gaat in rap tempo door: we willen weten waar we de beste behandeling krijgen, maar wat we het beste vinden, dat wordt steeds individueler. Dus is er steeds meer onderzoek, registratie en verantwoording nodig.

Een soortgelijk verhaal valt af te steken over onderwijs, politie en justitie, over elk terrein waar burgers in hun dagelijks leven op overheidsbeleid stoten. Natuurlijk, kwaliteit en regels vallen niet per definitie samen, maar kwaliteitscontrole kan niet zonder regels en registratie.
Als achteraf blijkt dat we niet het beste hebben gekregen, maken we er werk van, of we verketteren degenen die ons geholpen hebben. We trekken aan de bel, stellen de politiek verantwoordelijk, klagen de managers aan. We hebben recht op wat mogelijk is. Zo moeilijk is het toch allemaal niet: als iedereen alleen maar zijn best deed. Zoals de professionals van Tonkens.
Het is een romantisch beeld: de dokter, de leraar, de agent die hun stinkende best doen, vol overgave, altijd, ook op maandagochtend, ook als ze net in scheiding liggen. Bevangen door walging en misantropie zijn ze nooit.
Maar zelfs al zou iedereen elke dag vol bezieling aan het werk gaan, dan nog is dat geen garantie tegen zijn onkunde en domheid, of tegen de ontevredenheid van patiënt, ouder of burger. Ook de bekwaamste of meest betrokken professional krijgt verwijten dat hij blundert, het helemaal verkeerd ziet en ongeïnteresseerd is. Niemand is zo begaan met ons als wijzelf, en degenen van ons die zich het heftigst weren tegen procedures, zijn vaak ook degenen die precies weten wat de arts, leerkracht of andere professional in hun geval had moeten doen. Maar we kunnen jammergenoeg niet alles zelf. Dus roepen we even later om minder willekeur, om meer kwaliteit, om afspraken en regels.
Het is flauw en verwend. We verwisselen simpelweg steeds onze pet: `Iedereen het best mogelijke´ en `Weg met de bureaucratie´, al naar gelang het ons uitkomt. Natuurlijk houdt niemand van bureaucratie. I love bureaucratie is even belachelijk als I love voorgang geven. Maar soms zou je wat meer erkenning willen voor het feit dat het van tweeën een is: óf we accepteren dat je niet altijd krijgt wat jij redelijk vindt en dat ook jij botte pech kunt hebben omdat je toevallig in X woont en met professional Y te maken hebt en de bomen nu eenmaal niet tot in de hemel groeien; óf we onderwerpen ons aan een steeds fijnmaziger registratie van alle diensten die we elkaar professioneel bewijzen - overigens met onzeker resultaat. `Tijd voor massale opstand!´ is de kop boven Tonkens´ column. Waartegen we op moeten staan, is me duidelijk, en ik zou ook graag aan haar oproep voldoen. Natuurlijk: de bezieling aan de macht. De cruciale vraag is echter of we dan ook bereid zijn meer ongewisheid, ongelijkheid en willekeur te accepteren.
En nu niet even snel ja zeggen.

 
 

Duitsland

Huis met een verhaal
Wat is je huis? Je huis is In de eerste plaats een dak. Boven jouw hoofd, maar vaak ook boven dat van anderen. Eerdere bewoners, passanten, dieren die we meestal niet eens kennen. Soms, als je alleen bent, beginnen ze te spreken.   

Eigen Huis Magazine

 

begraafplaatsen

Boefiepoepie
Van een dier kun je onbeschaamd houden. In marmeren harten staan de intiemste koosnaamnpjes gebeiteld. `Ceasar / ouwe pik van ons / moederskind´. Op geen gewone begraafplaats laat het poëtische gemoed zich zo lustig gaan.   

de Volkskrant

 

gezondheidszorg

Sleutelen aan een wankel gestel
Ziekenhuizen hebben geen tijd voor oude en dementerende patiënten. En dus schrijft de ene na de andere specialist medicijnen voor zonder te controleren wat zijn collega bij de apotheker laat halen. Veel kwetsbare ouderen overleven dat niet.   

Vrij Nederland

 

jacht

Een schot in de stilte
Voor het dubbeldikke zomernummer van De Groene Amsterdammer, thema »Dieren & wij«, schreef ik een essay over het moderne jagen: deel zijn van de natuur, duurzaam vlees en toegepaste natuurbescherming.   

De Groene Amsterdammer

 

beeldende kunst

De beleidsmachine
Wat staat dáár nu weer? De Gelderse eenprocentsregeling voor infrastructuur bestaat 25 jaar. Het boek Kunstwerken & Kunstwerken zoomt in op artistieke en civieltechnische kunstwerken. Hieronder: 'De beleidsmachine'.   

Kunstwerken & Kunstwerken

 

Oost-Europa

`Ach kon ik maar in Odessa wonen'
De voorvechters van een Babelstraat waren allang blij met deze miezerige straat. Dat had al genoeg strijd met de nomenklatoera gekost. Die werden niet graag herinnerd aan die donkere episode uit de Sovjet-geschiedenis.   

Het Oog in 't Zeil

 

bossen

Wakker gekust door de tornado
`Gouden pech´ noemt de brochure Hoogvliet Vernieuwt de storm achteraf. Op een dag begonnen mensen met andere ogen naar het Ruigeplaatbos te kijken. En wat bleek? De natuur was tot leven gekomen, de storm had haar wakker gekust.   

de Volkskrant

 

Duitsland

Homo faber, was treibt dich?
In Volker Schlöndorffs Filmadaption Homo faber steht das filmische Zeichensystem im Dienste der Liebesgeschichte und nicht der ominösen, zum Scheitern verurteilten Flucht vor dem Schicksal wie in Max Frischs Roman. Eine vergleichende Analyse.   

Universiteit van Amsterdam

 

jacht

Nacht in het jachtveld
Een jachtjaar lang woon ik in het oosten van Duitsland, waar ik aan mijn boek Buit werk. Ik woon er midden in het jachtveld waar ik jaag. Voor het blad De Jager schreef ik een reportage over de nacht.   

De Jager

 

bossen

Oerbos, park, of berm langs de A2
Had ik 's middags juist niet gejubeld dat er nauwelijks borden en richtingwijzers waren? Een verademing. Hier sta je plotseling voor een kalksteengroeve waar Maria zo zou kunnen verschijnen, uit het mergel steken scherpe vuursteenknollen.   

de Volkskrant

 

select name from po_pages where id=%20%0A2
You have an error in your SQL syntax; check the manual that corresponds to your MariaDB server version for the right syntax to use near '%20%0A2' at line 3