begin over de auteur boeken vertalingen luisteren werkplaats tientjeslid links contact                 

Het geheime land van Joey van Kreel

Blad: de Volkskrant
Datum: 2001-04-28

Griftpark - Utrecht

Wat je vanaf de weg ziet is een plateau, een hoogvlakte op Nederlandse schaal. Het Griftpark op een presenteerblad. Het heeft heel wat jaren en ellende gekost, maar hier is dan het resultaat. Herrezen uit de gifbelt, opgebouwd uit wijkinspraak en moderne landschapsarchitectuur. En toch, dat het park een meter boven het maaiveld ligt, houdt onbedoeld het gevoel levend dat het niet pluis is wat daaronder ligt, al is het met alle zorg ingepakt.

Vaag herinner ik me het Griftpark van logeerpartijen dertig jaar geleden, een donkergroen blok in een volkswijk, een wand van dichte bosschages. Nu is alleen het gras nog groen met hier en daar wat jonge boompjes die te klein zijn om de naam park aan deze recreatievlakte te geven. `Er is geld ingezameld, we hebben ons allemaal gek betaald voor grotere bomen,´ zegt een actievoerster van het eerste uur, `maar waar zijn ze?´ Ze vallen in het niet in de ruimte. `Pas over een jaar of dertig zal het een echt park zijn.´
Het volwassen oog vindt dat een park oude bomen moet hebben om een park te zijn. De achtjarige Joey van Kreel begrijpt mijn schampering over de boompjes niet eens. Zijn ouders hebben een receptie in het restaurant Griftpark 1 en hij hangt met zijn jongere broertje Delano bij mijn tafeltje rond. `Ginds is een griezelbos, er wonen zwervers en oorwurmen en vliegen. Eén keer kwam ik daar met mijn vriendinnetje en er stond een ijskast met allemaal slierten eraan en daar zat een man in te slapen.´ Zijn broertje Delano weet ook een stoer verhaal: `Ik ben een keer naar het hondenveld geweest, daar mag je niet rennen, het zit vol poep.´ Joey vervolgt: `We hebben ook een geheim land, Faoland, noemen we dat. En één keer dachten we dat er theater was in het park, maar toen was het een hutje dat in brand stond. Er waren allemaal mensen met emmers en water.´ Voor een kind met fantasie is ook het nieuwe Griftpark al vol avonturen. Vroeger was er alleen een heel lelijk veldje, herinneren ze zich, één veldje met twee goals. Dat moet aan de westzijde zijn geweest, vlak bij hun straat, daar was het park het eerst klaar.
Het vroeger van de actievoerster begon veel eerder, tegelijk met mijn eerste herinnering aan het park. `Het was een plek waar je niet kwam, het zag er gesloten uit, er was geen verlichting, het had iets dreigends,´ zegt ze. De gasfabriek werd eind jaren zestig gesloopt en ook de afvaloverslag ging dicht. Het terrein van twaalf hectare verwilderde. `Het gerucht deed de ronde dat er een meisje was verkracht en vermoord.´De verbeelding was aan de macht, dus de buurt sloeg in 1971 de handen ineen: samen zouden ze iets moois van die plek gaan maken. De VVD zag andere kansen: huizen moesten daar komen. Maar de gemeente laadde wijkbewoners in een bus en reed ze door Nederland: parken kijken, wat zouden jullie willen? Week in week uit werd er vergaderd, er werden maquettes gemaakt, de eerste fase was al uitgevoerd, en toen werd er een vat zoutzuur gevonden. `Een gifslang onder het gras´ kopte het Utrechts Nieuwsblad op 23 augustus 1980. De Chemiewinkel en het opbouwwerk stortten zich op de vervuiling, bewoners vormden het Gifkomitee. `Vanaf die tijd ging het over niets anders meer dan benzeen, cyanide, tolueen. We hebben zelfs onderzoek laten doen naar de bramen,´ zegt de actievoerster, `er zat niets giftigs in.´ Jaren is er over saneringsmethodes nagedacht, gepraat en geruzied. De kosten werden als een giftig pakketje tussen de verschillende overheden heen en weer geschoven. Uiteindelijk werd het een van de grootste bodemsaneringsoperaties van Nederland.

Met de actievoerster loop ik door het park. Ze vindt het prima, zegt ze, hoe het geworden is. Nu het klaar is heeft ze niet meer zo´n binding met het park. Toch blijft haar leven ermee verbonden. Zij en haar man hebben elkaar op een vergadering van het Gifkomitee leren kennen: `En nu drinken we gezapig koffie op het terras van het restaurant.´
Als we door de Torteltuin lopen, een speeltuin voor de allerkleinsten, zegt ze: `Mijn twee dochters hebben nooit in het park kunnen spelen, die hele operatie heeft bijna twintig jaar geduurd. Soms bekruipt je het gevoel: wat hebben we losgemaakt, hoeveel geld heeft dat allemaal niet gekost, driehonderd miljoen. Maar of het echt noodzakelijk is geweest?´ Op weg naar de overkant van het park schiet de actievoerster ineens uit haar flegmatieke rol: `Daar is een waanzinnig grote speeltuin en die is alleen open als er bewaking is. Dat is mij de grootste doorn in het oog: een publiek park dat voor zo´n groot deel afgesloten is, afhankelijk van bewaking.´ En waarom? Omdat de speeltoestellen anders kapot gemaakt zouden worden, omdat we zo beheerszuchtig zijn geworden, omdat we alles opofferen aan veiligheid.
In het park ligt een heuse heuvel van bijna vier meter. Het is een toegedekte gifheuvel die niet verplaatst mocht worden. Een jongetje van een jaar of vijf staat met zijn fietsje op de top. In vliegende vaart suist hij naar beneden. Zonder helm, zonder angstige moeder. Geluksvogel. Vlak voor de hekken van de kinderboerderij komt hij tot stilstand, triomfantelijk kijkt hij of we zijn heldendaad gezien hebben. Het grootste succes van het Griftpark is de skatebaan, die als een kuil is aangelegd. Altijd is het er druk. Een jongetje van anderhalve meter hoog, zijn zwarte kuif glimmend met gel overeind gezet, slentert op me af, filtersigaret losjes tussen de vingers. `Deze baan is ontworpen door skateboarders,´ legt hij vakkundig uit. `De hoeken en rondingen zijn anders dan de banen voor skaters.´
We lopen langs de vijver naar het Cascadeplein, daar loopt water via een stroompje naar de Biltsche Grift, die het park doorsnijdt. Het kleine waterverloop heet Cascade, ofwel waterval. De actievoerster lacht: `Jij kent al die mooie namen.´ Het zijn de ontwerpersnamen, de namen uit de glanzende brochures, het zijn geen namen die bij buurtbewoners beklijven.
Van de oudste plannen is ook nog iets over: een bloementuin, een kruidentuin, een boomgaard. Ze worden door buurtbewoners onderhouden. En helemaal achter in de hoek, verscholen achter een rijtje huizen, ligt de oude fietscrossbaan. Een bobbelig veldje met hoge bomen, bomen van voor de sanering. Er is er net weer eentje geveld. De blokken slingeren rond, het ruikt naar vers zaagsel, de takken en twijgen zijn tot een houtwal gevlochten. Een zuidelijke man hangt rond bij een berg zand, zijn kind schept het ijverig in een kruiwagen. `Wij doen dit veldje allemaal samen,´ zegt hij, `wij willen een beetje natuur, de mensen hier in de straat, niet helemaal discipline.´

 
 

divers

Louis Zwiers (6)
De schim van Polly Waarin hij zich zorgen maakt om zijn vrouw, die ´s nachts weer zo geschreeuwd heeft, wil weten hoe zijn nieuwe baseballpet hem staat en steeds zijn hondje zoekt.   

ongepubliceerd

 

Duitsland

Wendezeiten in Fürstenwerder
Erst 2013 wurde meine Wende-Reportage über das Dorf Fürstenwerder in der Uckermark ins Deutsche übersetzt und publiziert. Die Frage war Anfang 1990: Was macht die Wende mit den Menschen - weit weg von Berlin und der Weltpolitik?   

Maandblad O

 

vertalen

Der Kummer von Waltraud Huesmert
Vertaalster Waltraud Hüsmert won afgelopen januari de Else Ottenprijs 2008 voor haar Duitse hervertaling van Hugo Claus' magnum opus Het verdriet van België. Wederom gelauwerd, maar nog steeds schandelijk onderbetaald.   

www.boekvertalers.nl

 

dieren

Weihnachtskatzen
Kerstbundel 2012 van Insel Suhrkamp Verlag met elf verhalen over katten.'Poespoespoes' heet mijn bijdrage, die werd vertaald door Waltraud Hüsmert. > Siehe auch: 'Weihnachtskatzen in deutscher Übersetzung'.   

Insel Suhrkamp Verlag

 

Oost-Europa

Het huis van Boelgakov
In Kiev staat het ouderlijk huis van Michail Boelgakov. Huisnummer 13. Dat past uitstekend bij de wrangvrolijke dubbele bodems in het werk van de schrijver. Met vertaalster Aai Prins waan ik me in de roman De Witte Garde.   

de Volkskrant

 

landschap en openbare ruimte

Doesburgse onderdoorgang
Nederland is ervan vergeven: duikers. Het zijn de ondergeschoven kinderen van onze infrastructuur. Kunstwerken & Kunstwerken zoomt erop in. Hieronder: een duiker met faunapassage in Doesburg.   

Kunstwerken & Kunstwerken

 

jacht

Over De jaagster
Interviews, optredens, recensies en meer over de roman De Jaagster die herfst 2014 verscheen. Over een oude Duitse jaagster en een jonge Nederlandse tegen de achtergrond van WO II, Koude Oorlog en Stasi, met als motto: `Jager zijn wij en ook prooi.   

Uitgeverij Atlas Contact

 

Oost-Europa

In het Balticum zegeviert het onland
Is het de avond, het late bleke licht dat alles ineens zo stil maakt? Het eenzame rammelen van de auto over de rechte steenslagwegen, de wolken stof die we achter ons opwerpen? Ja, en meer, het zijn de donkere dennenbossen...   

de Volkskrant

 

Duitsland

Nominatie Blankow - uit het juryrapport
`Met Blankow heeft Pauline de Bok een boek geschreven waarvan zij het non-fictiekarakter claimt, en de jury gelooft haar op haar woord, maar dit leest als een roman. Dat is een compliment. Het is altijd een waagstuk als auteurs ook zichzelf...   

Blankow

 

divers

Vrouw en auto
De man keek me aan of ik gek geworden was en loerde om zich heen of hij niet ergens een verborgen camera ontwaarde. Ik gaf geen krimp, ik had dit al vaker aan de hand gehad en alle mannen die ik om hulp had gevraagd, zag ik denken: maf wijf...   

Metro

 

select name from po_pages where id=%20%0A2
You have an error in your SQL syntax; check the manual that corresponds to your MariaDB server version for the right syntax to use near '%20%0A2' at line 3